Boormal uitlaat-tapeind cilinderkop Prinz 4

Herstel schroefdraad M8x1 met Ensat-bus


Boormal voor Ensat-bus
In 1961 kon met behulp van speciaal NSU gereedschap (40 91 00 945) het onderste tapeindgat M8x1 van de uitlaatflens worden versterkt met een stalen zelftappende Ensat-bus (M8x1 / M12x1,5).
Deze versterking was nodig voor de typen Prinz 30 en Sport-Prinz bij de ombouw naar de verbeterde uitlaatdemper 41 71 01 505 met aluminium warmte-uitwisselaar.

Het doel van deze boormal was, dat voor deze verbetering de cilinderkop kon blijven zitten. Met een korte boor, voorzien van zeskantmoeren op de schacht, kon men met behulp van een kniestuk, verlengstuk en een boormachine het gat in de cilinderkop opboren, tappen en de Ensat-bus aanbrengen.



De 3 handelingen voor de versterking van het M8x1 schroefdraadgat.
Tapgat opboren met boor 10,3 mm;
Voortappen M12x1,5 (fijne schroefdraad)
met aluminium TAP-EASE nr. 9500 van Midlock en gat schoonmaken;
Zelftappende Ensat-bus droog monteren en tapspanen verwijderen.

Verbeterde boormal
Het kan voorkomen dat ook de schroefdraad van de bovenste schroefdraadgaten wordt dolgedraaid of stuk gedraaid. Dit kan door klemming van de koelbeplating komen waardoor het tapeind scheef in het gat wordt gedraaid of door onwetendheid wanneer een standaard M8x1,25 tapeind in het gat wordt gedraaid. Herstel met een Ensat-bus is dan de oplossing.

Bovenstaande boormal kan dus ook zo gemaakt worden, dat alle 3 schroefdraad gaten M8x1 hersteld kunnen worden. Er zijn dan totaal 4 bussen nodig, zie foto hiernaast.

De boormal kan gebruikt worden als de motor in de auto blijft. Veel handiger is om de tapgaten te herstellen als de cilinderkop is gedemonteerd voor revisie.

Advies demontage en montage uitlaat
Om vernieling van de fijne M8x1 inwendige schroefdraad te voorkomen, moet er op gelet worden dat de tapteinden niet met de uitlaatmoeren meedraaien bij het losdraaien. In veel gevallen zitten de uitlaatmoeren door roest erg vast op het tapeind.

Als een tapeind gaat meedraaien bij het losdraaien van een uitlaatmoer, moet de uitlaatmoer altijd met een moersplijter verwijderd worden.

Gebruik bij montage altijd nieuwe zelfborgende uitlaatmoeren.
De originele uitlaatmoeren van staal én verkoperd, slw12 of slw13.
De uitlaatmoeren licht insmeren met Molykote (of grafietvet)
en vanaf montage na 500 km natrekken.

Naar boven
Gewijzigd op 22-10-2004
Let op. Het tapeind zit met fijne schroefdraad M8x1 in de cilinderkop en heeft gewone schroefdraad M8x1,25 voor de bevestiging van de uitlaat.
Ensat-bus
voor reparatie M8x1 schroefdraad in cilinderkop
Aluminium TAP-EASE wordt gebruikt bij het boren en tappen in aluminium.
Verbeterde boormal
Alle 3 tapgaten M8x1 in de cilinderkop zijn met deze mal te herstellen.
De boor- en tapgeleider en de 2 bevestigingsbussen worden met een inbusbout M5 x 12 geborgd.
De 2 bevestigingsbussen waarmee de boormal wordt vastgezet hebben een inwendige diameter van 8,7 mm.
Deze +0,7 mm tolerantie is nodig voor een nauwkeurige fixatie van het te bewerken gat.