Stroomregelventiel in het carterhuis TT
|
| Bypass valve 783-06-502-02-000 (nr. 24) |
Dit actieve stroomregelventiel zit in het carterhuis gedraaid, achter de aansluiting van de oliekoelslang (rechter aansluiting) op het oliefilterhuis, net vóór het hoofd-oliekanaal in het carterhuis (zie onderste tekening).
|
Let op. Voor de oliekoeling is het belangrijk dat dit actieve ventiel goed vastzit.
Draai het ventiel niet té vast tegen de dunne borst !
|
| Werking |
De TT-oliekoeler is aan het motorblok verbonden door een hogedruk aanvoerslang en een afvoerslang. Wanneer de motor wordt gestart (de druk is dan hoog en de olietemperatuur is laag), wordt de oliekoeler deels buiten werking gesteld (motor heeft nu juist géén koeling nodig) doordat het gekalibreerde stroomregelventiel opengaat.
De oliecirculatie loopt dan goeddeels direct naar het hoofd-oliekanaal in het carterhuis de motor in en naar de nokkenas. Als de olietemperatuur oploopt en de druk daalt, zal het stroomregelventiel sluiten en de oliecirculatie verloopt dan via de oliekoeler die dan maximaal wordt ingezet. Dus op bedrijfstemperatuur en bij niet te hoge oliedruk, zal de oliecirculatie volledig via de oliekoeler lopen. Vanaf een toerental van circa 5.000 t/min (2,8 bar) zal het stroomregelventiel weer openen en dan circuleert er olie via de oliekoeler én ook weer via het hoofd-oliekanaal de motor in. Het stroomregelventiel opent bij een druk van 3,5 bar -0,5 bar.
|
| Onderhoud |
Omdat de toegankelijkheid van dit actieve stroomregelventiel erg slecht is en bovendien ook uit het gezicht zit, zal deze vrijwel nooit gecontroleerd worden op werking en vastzitten.
De kans is aanwezig dat het stroomregelventiel is losgetrild, waardoor er direct (warme) olie blijft stromen naar het hoofd-oliekanaal in het carterhuis.
De oliecirculatie richting oliekoeler is dan niet optimaal.
Dit moet natuurlijk voorkomen worden, dus controleren als dat kan. Draai het stroomregelventiel niet té vast tegen de dunne borst, want dan breekt deze af ! Tevens moet de kogel gecontroleerd worden op de soepele werking. Zie de onderstaande tekeningen voor de details en de situering.
|
 |
|
 |
Doorsnede carterhuis TT bij hoofdlager 2
A= olietoevoer van oliepomp
A1= gefilterde olie in start situ
A2= gefilterde olie naar oliekoeler
B= overstroomklep
C= overdrukventiel TT
E= oliekanaal naar hoofdlager
G= hoofd-oliekanaal in carterhuis
H= stroomregelventiel TT
|
| Naar boven |